Biedermeier

In de Duits / Oostenrijkse (kunst)geschiedenis is Biedermeier ruwweg de periode van 1815 (het Congres van Wenen) tot het revolutiejaar 1848. Evenals in andere Europese landen was dit een periode van burgerlijke reactie en politieke restauratie. De Biedermeier was een reactie op de overladen empirestijl en zijn militaire op de Romeinen geïnspireerde ornamenten. Na een revolutie en twee decennia oorlog verlangde men naar huiselijkheid, vriendelijke vormen en nationale ornamenten.

Waar in de empirestijl zwaarden werden gebruikt, ziet men in de Biedermeier de zwanen en harp. Lichte houtsoorten komen in de plaats van verguldsel. Ook in de literatuur en de muziek treden gezelligheid en gevoel in de plaats van de heroïek en de grote gebaren van classicisme en de 18de-eeuwse romantiek. De meubels van de Biedermeier zijn verfijnd uitgevoerd en waren en zijn kostbaar.

De stijl was vooral bij de culturele elite en de hoven geliefd en heeft nooit een brede verspreiding gekend. Terwijl de Biedermeier in Duitsland school maakte, bleven of werden tegelijkertijd ook de empirestijl, (neo-) Louis XVI en een evocatie (stijlnabootsing) van de middeleeuwen, de neo-gotiek, populair. De naam Biedermeier wordt veel misbruikt voor overladen en weinig stijlvolle Victoriaanse meubelen en wanproducten in neostijlen uit de eerste industriële meubelfabrieken.