neo-classicisme

Neoclassicisme is een stroming in de kunst waarin opnieuw de vermeende puurheid van de klassieken werd nagestreefd. Men richtte zich dus op de kunst van de oude Grieken en Romeinen. Het gaat om kunst die aan het einde van de 18de eeuw en het begin van de 19de eeuw werd gemaakt. Waar de grens tussen classicisme en neoclassicisme ligt, is niet altijd even duidelijk. In verschillende landen bestaan er verschillende tradities rondom deze naamgeving. Het classicisme wordt veelal gebruikt voor zeventiende-eeuwse kunstenaars als Nicolas Poussin en Claude Lorrain. Zij lieten zich door de antieke kunst van de Grieken en Romeinen inspireren, zonder die te willen imiteren. Met neoclassicisme omschrijft men het werk van kunstenaars als de Franse schilders Jacques Louis David en Jean Auguste Dominique Ingres, of de beeldhouwers Antonio Canova en Bertel Thorvaldsen. Zij streefden veel sterker naar een getrouwe navolging van de idealen die bij de oude Grieken en Romeinen leefden. In de betiteling neoclassicisme klinkt soms ook een waardeoordeel door: kunststijlen die de traditie van de renaissance-kunstenaars en de klassieke Griekse en Romeinse kunst op respectabele wijze voortzetten, worden vaakclassicistisch genoemd, terwijl hun eclectische navolgers neoclassicistisch heten.