Johan Dykstra is zowel in Groningen op 23 december 1896 geboren als er op 21 februari 1978 gestorven.

Johan volgde eerst een opleiding aan de Academie Minerva in Groningen en later aan de Rijksacademie van Beelden kunsten in Amsterdam. Als leerling van onder ander Johannes Josephus Aarts, Fransiscus Hermanus Bach, Richard Roland Holst en Dirk de Vries Lam bekwaamde hij zich verder in het kunstenaarsvak.

Zijn opleiding leidde tot een zeer begaafde kunstenaar die vrijwel elke techniek onder de knie had en als aquarellist, beeldhouwer, etser, graficus, glasschilder, illustrator, lithograaf, ontwerper, vervaardiger van houtsneden en mozaïken en (wand)schilder zowel boeren, bomen, dorps- en stadsgezichten, figuurvoorstellingen en portretten, landschappen, haven- en zeeschilderingen maar ook naaktfiguren geniaal vastlegde.

Om zijn begaafdheid en veelzijdigheid werd hij terecht winnaar van de Willink van Collenprijs in 1925 en in 1951 geridderd.

Dijkstra wordt tot de Groninger kunstenaarskring ‘De Ploeg’ gerekend en was lid van De Ploeg maar ook van de Vereeniging tot bevordering der Grafische Kunsten ‘De Grafische’ en de Hollandse Aquarellisten Kring.

Op zijn beurt droeg hij het kunstenaarsstokje weer door aan Max Ali Cohen, Wiert Hendrik Leemhuis, Douwe van der Meule en Jacob van Zuijlen. Bovendien had hij grote invloed op zijn collega Berend Hoving.

Dykstra wordt vermeld in Vollmer, Scheen, Witt Checklist, Saur, Jacobs, Scharten, Bos.

Toont alle 9 resultaten

Filter»

Dykstra, Johan

Johan Dykstra is zowel in Groningen op 23 december 1896 geboren als er op 21 februari 1978 gestorven.

Johan volgde eerst een opleiding aan de Academie Minerva in Groningen en later aan de Rijksacademie van Beelden kunsten in Amsterdam. Als leerling van onder ander Johannes Josephus Aarts, Fransiscus Hermanus Bach, Richard Roland Holst en Dirk de Vries Lam bekwaamde hij zich verder in het kunstenaarsvak.

Zijn opleiding leidde tot een zeer begaafde kunstenaar die vrijwel elke techniek onder de knie had en als aquarellist, beeldhouwer, etser, graficus, glasschilder, illustrator, lithograaf, ontwerper, vervaardiger van houtsneden en mozaïken en (wand)schilder zowel boeren, bomen, dorps- en stadsgezichten, figuurvoorstellingen en portretten, landschappen, haven- en zeeschilderingen maar ook naaktfiguren geniaal vastlegde.

Om zijn begaafdheid en veelzijdigheid werd hij terecht winnaar van de Willink van Collenprijs in 1925 en in 1951 geridderd.

Dijkstra wordt tot de Groninger kunstenaarskring ‘De Ploeg’ gerekend en was lid van De Ploeg maar ook van de Vereeniging tot bevordering der Grafische Kunsten ‘De Grafische’ en de Hollandse Aquarellisten Kring.

Op zijn beurt droeg hij het kunstenaarsstokje weer door aan Max Ali Cohen, Wiert Hendrik Leemhuis, Douwe van der Meule en Jacob van Zuijlen. Bovendien had hij grote invloed op zijn collega Berend Hoving.

Dykstra wordt vermeld in Vollmer, Scheen, Witt Checklist, Saur, Jacobs, Scharten, Bos.